Het persen lukt niet: vacuüm, tang, keizersnede

Hippe geboortekaartjes rectangle

Vacuümverlossing:
Als het persen, om wat voor reden ook, niet lukt dan kan het zijn dat de gynaecoloog een vacuumverlossing voorstelt.
Bij een vacuümverlossing word je eerst verdoofd van onderen, dan wordt er een knip gezet om voldoende ruimte te maken. Vervolgens wordt er een cup ingebracht die op het hoofdje van de baby wordt geplaatst. Dit kan pijnlijk zijn. Hierna wordt de cup vacuüm gezogen door een apparaat. Als de cup goed vacuüm zit dan moet je tijdens een volgende wee uit alle macht meepersen en de gynaecoloog gaat dan meehelpen door aan de cup te trekken. Samen zorgen jullie er dan voor dat de geboorte wordt bespoedigd.
Een vacuümverlossing klinkt heel eng, en voor de vader in spé is het ook een akelig gezicht. Het lijkt wel of de gynaecoloog zo hard trekt dat je denkt dat hij het hoofdje er bijna af zal trekken.
In werkelijkheid wordt er niet echt hard getrokken, maar door de constante spanning die de gynaecoloog op de cup moet houden lijkt het wel alsof hij heel hard trekt. De meeste barenden vinden een vacuümverlossing niet echt pijnlijk, het inbrengen van de cup is wel even pijnlijk, maar als die eenmaal goed zit merk je er niets meer van. Meestal ben je alleen maar blij dat het einde nu echt in zicht is.
Normaal gesproken wordt de baby bij een vacuümverlossing na 2 tot 3 weeën geboren.
Advies: als je baby met behulp van een vacuüm geboren wordt heeft hij vaak hoofdpijn. Laat de baby de eerste 24 tot 48 uur zoveel mogelijk rustig liggen. Hij mag best lekker bij jullie in bed, maar laat hem niet door de familie oppakken.

Tangverlossing:
Als het persen, om wat voor reden dan ook, niet lukt kan het zijn dat de gynaecoloog een tangverlossing voorstelt. De tangverlossing wordt tegenwoordig alleen nog gebruikt als het hoofdje een verkeerde stand heeft, die m.b.v. de tang beter kan worden bijgedraaid. In andere gevallen wordt meestal de voorkeur gegeven aan de vacuümverlossing.
De tang bestaat uit 2 grote lepels, die aan weerszijden van het hoofdje worden ingebracht en het hoofd omvatten. Aan het handvat van de lepels kan de gynaecoloog dan meetrekken.
Net als bij de vacuümverlossing is het van groot belang dat je zelf ook flink meedrukt. De gynaecoloog kan het niet alleen. Dus zet hem op!

Keizersnede:
In het Latijn wordt dit een Sectio Caesarea genoemd, kortweg de Sectio.
Als het bekken voor de bevalling al te klein lijkt kan het zijn dat de gynaecoloog besluit om een primaire sectio te verrichten. D.w.z. dat je geen weeën zult krijgen. Er wordt van tevoren afgesproken dat je een keizersnede zult krijgen. Vaker komt het voor dat gedurende de bevalling blijkt dat het niet lukt om vaginaal te bevallen, dan wordt er gedurende de bevalling alsnog besloten om een keizersnede te doen. Redenen voor een sectio zijn:

  • te krap bekken of te groot kind; niet vorderen van de ontsluiting (ook niet na goede weeën);
  • niet vorderen van de uitdrijving en het hoofdje staat te hoog om een vacuüm- of tangverlossing te doen.
  • niet lukken van een inleiding. B.v. de baarmoedermond verstrijkt niet ondanks een aantal keer gel-inleiding.
  • slechte conditie van de baby.

Tegenwoordig kun je bijna altijd kiezen of je volledig onder narcose gaat of dat de keizersnede plaatsvindt met behulp van een ruggenprikverdoving. Alleen bij een zeer grote spoedoperatie is er vaak geen keuze en wordt er algehele narcose toegepast. Als je mag kiezen heeft de ruggenprik voorkeur omdat je de bevalling dan bewuster meemaakt, je voelt je minder ziek na de operatie, je kunt direct contact hebben met je kindje en je partner mag bij de operatie aanwezig zijn.
Veel vrouwen zijn op voorhand bang voor de ruggenprik, ze denken dat dit erg pijnlijk is. Waarschijnlijk komt dit doordat men verhalen heeft gehoord over de ruggenprik die mensen met een hernia soms krijgen. Deze is inderdaad erg pijnlijk. Maar de verdovingsruggenprik die plaatsvindt bij een keizersnede doet niet echt pijn. De meeste vrouwen die, min of meer onder druk, toch besluiten tot een ruggenprik, geven achteraf aan dit helemaal niet pijnlijk gevonden te hebben en blij te zijn dat ze de geboorte van hun kind bewust hebben meegemaakt.
Herstellen na een keizersnede:
Er wordt nogal eens makkelijk gesproken over een keizersnede, alsof het niet zo veel voorstelt. Maar een keizersnede is een grote buikoperatie met alle risico’s van dien. Het herstel van de keizersnede duurt dan ook veel langer dan het herstellen na een vaginale bevalling. Aan het eind van de kraamdagen (die na een keizersnede kunnen worden verlengd tot 10 dagen) kun je een beetje rondlopen en jezelf en de kleine verzorgen. Maar het huishouden en de boodschappen zullen nog een poosje door anderen gedaan moeten worden. Heel veel vrouwen gaan ervan uit dat ze alles zelf wel weer kunnen en doen net of er niets gebeurd is, deze vrouwen klagen dan na een aantal weken over buikpijn en zich algeheel rot voelen. Ik zeg dan ook altijd: “vind je het gek, na een andere buikoperatie zoals b.v. het weghalen van de baarmoeder, vindt iedereen het normaal dat je minimaal 6 weken nodig hebt om te herstellen. Maar als je een grote operatie hebt gehad zoals een keizersnede en je hebt hierdoor een kindje gekregen, dan moet je er gelijk weer tegenaan. Dat kan je lichaam niet verwerken.”
Advies: doe na een keizersnede niet net of er niets bijzonders gebeurd is. Je hebt een grote operatie achter de rug en geef je lichaam dan ook de tijd hiervan te herstellen. Reken op minimaal twee tot drie maanden voor het herstel en doe het in die periode rustig aan. Til geen zware dingen en verdeel je huishoudelijke werkzaamheden wat meer. Wees niet bang om hulp te vragen. Een vrouw die ‘normaal’ bevallen is heeft het de eerste maanden na de bevalling al moeilijk om de boel draaiende te houden, laat staan als je via een keizersnede bevallen bent!


Gerelateerde nieuwsartikelen

Keizersnede, veel meer risico dan gedacht Keizersnede, veel meer risico dan gedacht

Een keizersnede klinkt zo makkelijk, toch blijken er grote risico’s

meer lezen ...