Oorzaken van een miskraam

Oorzaken van een miskraam

Heel vaak wordt er geen oorzaak gevonden voor een miskraam en is er sprake van domme pech!

Hieronder noemen we een aantal zaken die invloed hebben op het krijgen van een miskraam,  maar voel je aub niet schuldig als één van onderstaande zaken op jouw van toepassing is. De oorzaak van een miskraam is heel vaak onbekend!

Roken verhoogt de kans op het krijgen van een miskraam.
Ook het gebruik van andere schadelijke stoffen verhoogt het risico op een miskraam. Denk hierbij aan overmatig alcoholgebruik, drugs of medicijnen.
Vertel je arts altijd dat je zwanger wilt worden als je medicijnen voorgeschreven krijgt en slik geen medicijnen die niet door een arts/verloskundige zijn voorgeschreven.

Kijk ook eens kritisch naar je werk. Kom je daar in aanraking met stoffen die mogelijk kwaad kunnen?
Je werkgever is verplicht je te informeren over de eventuele schadelijkheid van stoffen waar je mee in aanraking komt. Vraag hiernaar.

Ook een hogere leeftijd is een factor die van invloed is op het krijgen van herhaalde miskramen. Onder de 35 heb je een risico van 10% op het krijgen van een miskraam. Ben je tussen de 35 en 40 dan is het risico opgelopen tot ongeveer 20%, om toe te nemen tot ruim 33% voor vrouwen tussen de 40 en 45 jaar.

Na herhaalde miskramen (habituele abortus) zal er meestal geadviseerd worden om onderzoek te doen naar de mogelijke oorzaak van de miskramen.
Bereid je er wel op voor dat er heel vaak geen oorzaak gevonden wordt.

Mogelijke oorzaken voor herhaalde miskramen zijn:

Chromosoom afwijkingen:
Bij jullie beiden zal er chromosomenonderzoek plaatsvinden. Dit vindt plaats door middel van een bloedafname.
Tegelijkertijd zal met dit bloed een legio van andere onderzoeken gedaan worden zodat het meestal met één keer bloedafname te doen is. Bij ongeveer 2-3% van de ouders die herhaalde miskramen hebben gehad wordt een chromosomenafwijking gevonden. De uitslag van dit onderzoek duurt vaak langer dan twee maanden.
Omdat de kans dat er een chromosomenafwijking wordt gevonden erg klein is, hoef je niet te wachten met opnieuw zwanger raken. Mocht je zwanger worden voordat de uitslag bekend is, dan kan het onderzoek versneld worden uitgevoerd. Mocht dan toch blijken dat één van jullie een chromosoomafwijking heeft, dan kan de vrucht onderzocht worden bijvoorbeeld d.m.v. een vlokkentest of vruchtwaterpunctie.

Indien er (voor een volgende zwangerschap) een chromosoomafwijking is geconstateerd, zullen jullie doorverwezen worden naar een klinische geneticus. Dit is een arts die gespecialiseerd is in erfelijke aandoeningen en chromosoomafwijkingen.

Afwijkingen aan de baarmoeder:
Een mogelijke oorzaak voor habituele abortus kan zijn dat je een aangeboren afwijking aan je baarmoeder hebt. Er zijn afwijkingen aan de baarmoederwand of aan de eierstokken. Dit zijn onderzoeken die dergelijke afwijkingen kunnen opsporen:
Echoscopisch onderzoek:
Met behulp van de echo kunnen afwijkingen aan de baarmoeder worden gevonden. Hierbij kun je denken aan aangeboren afwijkingen van de baarmoeder zoals een tussenschot, een inkeping in de bovenkant of een dubbele baarmoeder. Maar ook verworven afwijkingen zoals verklevingen bijvoorbeeld na een eerdere curettage.
Ook een vleesboom kan vermoedelijk een oorzaak zijn voor een miskraam, dus ook daar wordt naar gezocht. Mede door DESgebruik komen deze aangeboren afwijkingen voor. DES werd tussen 1947 en 1975 voorgeschreven aan zwangere vrouwen om miskramen te voorkomen. Dochters van vrouwen die DES hebben gebruikt, toen ze van hen zwanger waren, hebben een grotere kans op aangeboren afwijkingen aan de baarmoeder.

Hysteroscopie:
Met behulp van een kijkbuisje dat via je vagina (meestal onder plaatselijke verdoving) wordt ingebracht, kan de gynaecoloog de baarmoederwand bekijken.

Hysterosalpingogram:
Ook hierbij wordt de binnenkant van de baarmoeder bekeken. Er wordt eerst contrastvloeistof via je vagina in de baarmoeder gebracht en vervolgens wordt er een röntgenfoto gemaakt.

Laparoscopie:
Onder narcose vindt er een kijkoperatie in je buikholte plaats. Hierbij beoordeelt de gynaecoloog de buitenkant van je baarmoeder, de eierstokken en de eileiders.

Antifosfolipide-antistoffen.
Bij ongeveer 15% van de vrouwen die meerdere miskramen hebben gekregen, worden deze antistoffen gevonden.
Antistoffen zijn belangrijk in je lichaam. Ze vallen indringers aan die er niet thuis horen en zijn zo een belangrijke afweer tegen bacteriën en andere ziektebronnen. Soms maakt het lichaam echter verkeerde antistoffen aan. Deze vallen niet indringers van buiten aan, maar lichaamseigen stoffen. Bij de antifosfolipide-antistoffen werken de antistoffen tegen bepaalde vetten. Deze kunnen hierdoor hun werk niet goed meer doen en kunnen stolsels veroorzaken.
Deze stolsels kunnen een bloedvat afsluiten. Als dit gebeurt in de placenta kan de vrucht zich niet goed ontwikkelen en ontstaat er een miskraam. Het onderzoek naar antifosfolipide-antistoffen vindt plaats door bloedonderzoek bij jou. Dit onderzoek kan niet eerder dan 10 weken na een miskraam plaatsvinden.
Als er antifosfolipide-antistoffen bij je worden gevonden, wordt je in een volgende zwangerschap behandeld met bloedverdunners. Deze verkleinen de kans op stolsels in de bloedbaan aanzienlijk.

Teveel luteiniserend hormoon (LH).
LH is belangrijk bij de eisprong. Rond die tijd is er meer LH aanwezig wat ervoor zorgt dat er een eisprong plaats vindt. Een teveel van dit hormoon kan voorkomen bij vrouwen met het PCO syndroom (polycysteus-ovariumsyndroom), een afwijking aan de eierstokken. Vaak is er bij deze vrouwen middels echoscopisch onderzoek een veelvuldigheid van cysten op de eierstokken te zien.
De hoogte van het hormoon kan gemeten worden door een bloedonderzoek dat plaatsvindt tussen de ovulatie en menstruatie. In geval van een verhoging neemt de kans op een miskraam toe. Helaas is er geen behandeling mogelijk.

Stollingsafwijkingen:
Bij een stollingsafwijking heeft het bloed de neiging om sneller te stollen. Een stolsel kan een bloedvat in de placenta verstoppen waardoor de vrucht niet goed kan ontwikkelen. Bij stollingsafwijkingen is de kans op een miskraam verhoogd.
Vaak zijn deze stollingsafwijkingen erfelijk. Is jou bekend dat er in jouw familie vaker trombose, embolie of beroerte voorkomt, vertel dit dan zeker aan je arts of verloskundige.Voorbeelden van erfelijke stollingsafwijkingen zijn: Factor V leiden, proteïne S deficiëntie, proteïne C deficiëntie, factor VII deficiëntie en APC resistentie. De meeste van deze afwijkingen komen weinig voor, behalve APC resistentie. Die komt bij ongeveer 5 % van de bevolking voor.
Middels bloedonderzoek zal onderzocht worden of je een stollingsafwijking hebt.

 


Gerelateerde artikelen

Bloedverlies zwangerschap Bloedverlies zwangerschap

Bloedverlies vroeg in de zwangerschap: waar moet je op letten en wanneer moet je je verloskundige bellen?

meer lezen ...
Miskraam: wanneer verloskundige/arts inschakelen

Heb je bloedverlies en ben je nog geen 16 weken zwanger, lees wat je kunt doen en wanneer je de verloskundige moet bellen.

meer lezen ...
Miskraam: voorkomen?

Het enige wat we aan kunnen raden is zo gezond mogelijk te leven. Niet roken, geen alcohol, voldoende rust, geen stress (zo min mogelijk), geen medicijnen die niet voorgeschreven zijn door je arts, gynaecoloog of verloskundige. Gebruik dagelijks 0,4 tot 0,5 mg foliumzuur. Foliumzuur of het niet slikken hiervan is geen oorzaak voor een miskraam, […]

meer lezen ...
Verwerking van een miskraam

Een miskraam vraagt zowel lichamelijk als geestelijk herstel. Lees onze tips voor de verwerking van je miskraam.

meer lezen ...